Mentale trucjes 2: Boosheid
Het maakt je zo kwaad! Weer staat je baas aan je bureau om je te vragen waarom je dit rapport nog niet af hebt. Laaiend wordt je – je doet al je best, en zij komt wéér zeuren!
Maar eerlijk is eerlijk – je voelt je ook betrapt, en een beetje schuldig.
En dankzij de boosheid voel je dat nauwelijks.
Net zoals veel andere gevoelens kan boosheid een mentaal trucje zijn, zoals dit voorbeeld laat zien: het helpt je om je niet nog veel slechter te voelen.
Boos zijn is voor veel mensen minder erg dan je schuldig voelen, onzeker of bang. Bovendien geeft boosheid je een gevoel van kracht en/of macht. Ook (en misschien vooral) als je niets durft te zeggen tegen je baas.
Dit het tweede deel van een serie artikelen over mentale trucjes die wij toepassen als het lastig wordt en als we ons kwetsbaar voelen. In het eerste deel schreef ik over rationaliseren. Het was een artikel dat bij lezers veel losmaakte.
Waarom boosheid zo dubbel is
Boosheid kan ingrijpend, heftig en vernietigend zijn, zoals je ongetwijfeld al tig keer hebt ervaren, bij jezelf en anderen. Denk bijvoorbeeld aan al die problemen die in teams ontstaan omdat boosheid en agressie in de weg zitten van constructieve samenwerking.
Maar het kan ook positieve effecten hebben: het kan je de energie geven om iets te bereiken, en het kan je beschermen tegen onaangename gevoelens. Als je je bedreigd voelt, is boosheid een bron van kracht. Het kan je helpen om grenzen te stellen en stappen te zetten.
Soms is boosheid natuurlijk ook gewoon dat: boosheid. Iemand heeft je bijvoorbeeld iets aangedaan, of je bent ziek en wordt boos op die ziekte die jou het leven zo zwaar maakt. Het hoort erbij, al is het misschien niet leuk.
Boosheid en kracht
Boosheid en woede geven je het gevoel dat je krachtig bent, en dat maakt het soms een heel aantrekkelijke emotie. Je moet bijvoorbeeld naar een belangrijke vergadering, maar de treinen rijden niet, of je staat in de file. De meesten van ons worden dan boos, op de NS bijvoorbeeld. Het helpt natuurlijk helemaal niks, maar je voelt je daardoor wel beter en sterker, omdat het je onmacht maskeert.
Vaak komt echter de boosheid niet daar terecht waar ze hoort. Je kunt het namelijk ook verplaatsen: Je bent boos op een vervelende patiënt, op je collega of op de NS. Maar dat durf je niet te zeggen, en ’s avonds krijgt je hond een schop, of je krijgt het met je partner aan de stok.
Dat gebeurt omdat negatieve gevoelens over het algemeen niet vanzelf verdwijnen. Ze kunnen veranderen in een andere negatieve emotie, maar je kunt ze dus ook tegen jezelf of anderen richten. Dat kan zich uiten in angst, irritatie of agressie, schuldgevoelens, ruzie zoeken en meer. Het is dus zaak dat je ervoor zorgt dat je de boosheid kunt uiten of op een manier afreageert waar het zo weinig mogelijk schade kan aanrichten. Stoom afblazen heet dat.
Tip 1: Blaas stoom af
Zorg ervoor dat je je boosheid kwijt kunt:
- benoem je boosheid daar waar het hoort.
- zet de muziek heel hard en zing mee.
- ga sporten.
- praat erover.
- ga klussen of hak een boom om.
- en meer.
Alles is goed, zolang niemand er schade van ondervindt.
Boosheid beschermt
Boosheid kan je kwetsbaarheid of lastige gevoelens beschermen, onzichtbaar maken. Het zou kunnen dat je, als je je schaamt, gekwetst voelt of bang bent, boos wordt. Het is een oeroude manier om het onbehagen, dat je voelt, te verstoppen onder een ander emotie. Het heeft de functie dat je je eigen kwetsbaarheid niet hoeft te voelen, je eigen ideeën niet hoeft te betwijfelen, maar anderen de schuld kunt geven.
Als je dat doet, dan heb je het over het algemeen niet door: het gaat onbewust.
Het extreme voorbeeld hiervan zijn mensen met sterke narcistische trekken: als zij kritiek ontvangen, ontploffen zij in woede. Het zijn over het algemeen mensen met een (gek genoeg) laag zelfbeeld, met veel onzekerheid, die echter absoluut niet gezien mag worden. Niet door de persoon zelf, en al helemaal niet door de ander. Een voorbeeld daarvan is bijvoorbeeld Donald Trump, die, als hij niet krijgt wat hij vindt dat hij verdient, de ander zonder pardon neersabelt.
Als je het maatschappelijk breder wil trekken, dan is woede ook een gevoel dat je beschermt tegenover de eigen machteloosheid. Mensen die deel uitmaken van een groep met weinig invloed kunnen soms in extreme woede uitbarsten – denk bijvoorbeeld aan de rellen in de Franse banlieues of het verzet tegen asielzoekerscentra. Hun boosheid heeft in sterke mate te maken met een gevoel van machteloosheid.
Tip 2: Stel duidelijke grenzen
Als je te maken hebt met boze mensen, bijvoorbeeld met een woedende collega, dan helpt het om rustig duidelijke grenzen te stellen. Ga niet in discussie, maar geef duidelijk aan dat je van dit gedrag niet gediend bent, en benoem expliciet welk gedrag dat is.
Geef desnoods aan dat je nu de kamer verlaat, en dat je later weer terugkomt om verder te praten als de ander weer rustig is. Doe dat ook.
Samenwerking: agressie lokt agressie uit
Boos zijn is soms prettig omdat het je het gevoel geeft dat jij krachtig bent. Als je bijvoorbeeld gefrustreerd bent over die lastige collega, denk je al snel: ik ga nou eens goed om mijn strepen staan, duidelijk zeggen wat ik denk. Dat zal hem leren!
Helaas, dat werkt nauwelijks. Sterker nog, meestal werkt het averechts, vooral als er veel boosheid en irritatie zit.
Timothy Leary (ja, die van de roos van Leary) stelt dat tegen-gedrag tegen-gedrag oproept. Als jij aanvalt, gaat de ander in de verdediging. Met andere woorden: hij valt je ook aan.
“Jij bent altijd laat met de cijfers!” “Maar jij levert de informatie ook altijd zo slordig aan!”
Daaruit zal geen oplossing ontstaan.
Het is duidelijk: Boosheid helpt niet om samen te werken.
Tip 3: Ga oplossingsgericht samenwerken
Je kunt het beter anders doen: samenwerken, de emotie benoemen, en een oplossing vinden die goed is voor beide.
Dus: “Als de cijfers te laat zijn, krijg ik problemen met de accountant, en dat vind ik heel vervelend. Hoe kunnen we dat veranderen?” “Als ik jouw informatie zo en zo ontvang, kan ik sneller werken, dat is ook voor mij prettiger.”
Dus:
- Feiten benoemen
- Het gevoel dat het je geeft in de ik-vorm aangeven
- Zeggen wat je wil je dat er gebeurt.
Grote kans dat dat beter werkt!







Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!